DAMJOLLE is de benaming voor de Deense visserssloep. Oorspronkelijk gebouwd van hout, als de verkleinde versie van de bekende, lichtblauwe Deense viskotters. Nog steeds is die vissersvloot van markante kotters op de Noordzee, Skagerrak, Kattegat en in de Deense archipel te vinden; ook nu de vangsten sterk teruggelopen zijn en het amper de moeite loont om uit te varen.
De vistechniek is meestal met 'staand want'. Omdat er nagenoeg geen tijbeweging is, kan dit verticale net op de bodem worden gehouden met dregankers en drijvers. De hoogte van het net is ruim een meter en de lengte kan oplopen tot enkele honderden meters. De (plat)vis raakt met de kieuwen vast in de mazen en met behulp van een 'garnhaler' - hydraulisch aangedreven rubberrollen - wordt het net binnengehaald, waarbij de vis met de hand uit het net wordt bevrijd.